AMSTERDAM - Zangeres Natalie Imbruglia brak in 1997 door met de hit Torn. Dit jaar stond ze bovenaan de hitlijsten met het lieve liedje Shiver. „Ik ben nu heel gelukkig en blij. Ten tijde van Torn was ik in een hele andere fase van mijn leven. Maar ik kan natuurlijk niet altijd boos blijven.” Dinsdag staat ze in een uitverkocht Paradiso in Amsterdam.
De van oorsprong Australische zangeres zegt enorm veel zin te hebben om weer op te treden. „Ik heb drie jaar aan mijn laatste album Counting down the days gewerkt en nu wil ik het heel graag aan het publiek laten horen.” Haar schema is de komende maanden erg druk, maar Imbruglia kan er alleen maar naar uitkijken.
„Ik ben veel te lang weggeweest”, zegt ze. De show dinsdag wordt volgens haar heel energiek, waarbij het publiek veel wordt betrokken. „Maar de nadruk ligt uiteraard op de muziek.”
De zangeres woont in Engeland en bezoekt Nederland regelmatig. „Vrienden van mij hebben hier een huis en ik vind het heel leuk om in Nederland te komen.” Amsterdam noemt ze een mooie stad en de mensen zijn ook erg aardig. „Een beetje te vergelijken met Australiërs, lekker down to earth.” Ze voegt daar lachend aan toe dat ze wel altijd heel voorzichting moet zijn met alle fietsers.
Counting down the days kwam eind april uit en is het derde album van de zangeres. Op haar eerste album Left of the middle in 1997 stond de hit Torn. Haar tweede plaat White Lilies Islands werd niet goed ontvangen, het zou te donker en duister zijn. „De cd was een reflectie van mezelf, ik was toen in een donkere periode van mijn leven.” Toch heeft ze geen spijt van de geflopte cd. „Ik geloof niet in spijt.”
De nieuwe cd klinkt weer vrolijker en ook de reacties waren weer opgewekt. De zangeres is naar eigen zeggen ook een stuk gelukkiger. In 2003 trouwde ze met de zanger van de Australische band Silverchair. „Het leven is nu weer goed voor me.” Ze is zelfs al aan het werken aan een vierde cd. „Geloof het of niet, maar ik heb al een nieuw nummer opgenomen. Ik heb natuurlijk een verschrikkelijke staat van dienst door er per album vier jaar over te doen. Maar bij deze beloof ik iedereen dat ze deze keer niet zo lang hoeven te wachten.”